top of page

Verplichte tijdregistratie opent debat over controle versus transparantie op werkvloer

28 nov 2025
3 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 14 okt

De verplichte invoering van een tijdregistratiesysteem voor alle werknemers valt bij veel bedrijven op een koude steen. Tegenstanders noemen het een zoveelste controle­systeem, voorstanders denken juist dat het de werksfeer ten goede kan komen.


Vanaf 2027 moeten bedrijven een systeem hebben dat de gewerkte uren van elke werknemer registreert. Dat heeft de federale regering beslist in de marge van het begrotingsakkoord. Door de liberale oppositie werd de verplichting meteen omschreven als een zoveelste pestmaatregel voor bedrijven. Kamerlid Kjell ­Vander Elst (Open VLD) heeft het over ‘job control’, een controle­mechanisme dat volgens hem ‘past in het rijtje van ‘chat control’ (het controleren van chatberichten op ­kindermisbruik, red.) en ‘money control’ (het plan om fraude op te sporen in het bankrekeningenregister, red.) .’


Ook de werkgevers­organisaties zijn er niet over te spreken. Unizo-­topman Bart Buysse noemt de ‘verplichte prikklok’ een stap terug in de tijd. Voka vindt het ‘pure kafka’. De verplichte tijdregistratie komt nochtans niet uit de lucht vallen. Ze is het gevolg van Europese rechtspraak waar ons land niet onderuit kan, zegt Eva Hageman, juridisch experte bij de hr-dienstengroep SD Worx. ‘Het Europees Hof van Justitie heeft in twee arresten geoordeeld dat werkgevers door de lidstaten verplicht moeten worden om een objectief, betrouwbaar en toegankelijk registratiesysteem in te voeren. De argumentatie is dat dat de enige manier is om de Europese richtlijn rond arbeidstijd in de praktijk af te dwingen.’ Hoe zo’n systeem er moet uitzien, mag elke lidstaat zelf beslissen. De meeste EU-landen hebben in­tussen een regeling uitgewerkt, maar in ons land raakten de politiek en de sociale partners het maar niet eens. In de Belgische rechtspraak worden de Europese arresten uiteenlopend geïnterpreteerd, zegt Hageman. ‘Sommige rechters leggen de verantwoordelijkheid voor een registratiesysteem bij de werkgevers, andere zeggen dat de overheid eerst duidelijke ­regels moet uitwerken.’


Een regeling kan dat soort discussies vermijden. De vraag is hoe de regels er precies zullen uitzien. De werkgevers houden hun hart vast voor een rigide systeem, waarbij elke minuut meer of minder moet worden vastgelegd. ‘We willen werken op basis van vertrouwen in plaats van controle’, zegt het hr-bedrijf Randstad. Veel grote bedrijven, onder meer de bankgroep Belfius, stapten de voorbije jaren juist af van tijdregistratie. ‘Een kwestie van vertrouwen’, klinkt het ook daar. Niettemin werken veel bedrijven al met een prikklok of een variant daarop. Volgens cijfers van de hr-dienstengroep Liantis gaat het zelfs om de meerderheid van de ondernemingen met meer dan 50 werknemers. Maar er zijn grote verschillen naargelang de sector en het soort werk dat iemand doet. ‘Tijdregistratie wordt meer gebruikt in sectoren met uitvoerende jobs, zoals productie- en voedingsbedrijven, retailers en de horeca, waar er vaak een link is tussen de werktijd en de verloning’, zegt Sofie Verbrugghe van Protime, een bedrijf dat tijd­registratiesystemen verkoopt. ‘Onze poetshulpen registreren hun uren vandaag al met een app op de smartphone. Maar onze vaste werknemers en kantoorwerkers zitten er niet op te wachten’, zegt Jo Mellemans van Glowi, een uitzendbedrijf dat onder meer poetshulpen aan het werk zet. ‘Het is een onnodige vorm van controle. Wat voor mij telt, is de output van een werknemer en niet de gewerkte uren. Het resultaat kan zijn dat werkgevers een verbod op overuren gaan invoeren, waardoor werknemers verhinderd worden om hun werk te doen.’ ‘Mensen combineren verschil­lende werkvormen. Ze starten hun werkdag thuis, gaan op weg naar kantoor langs bij een klant, sluiten de dag af op kantoor en gaan ’s avonds naar een netwerkevent.


Hoe moet je dat objectief in kaart brengen?’, vraagt Wim Van der ­Linden (Randstad) zich af. Ook veel Vlaamse kmo’s krabben zich achter de oren bij wat ze ‘alweer een nieuwe regel’ noemen. ‘Onze arbeiders werken al met tijdregistratie en worden per uur betaald. Maar onze bedienden zijn vaak ­buitenshuis of eten voor hun pc. Als het druk is, werken ze langer, als het kalmer is minder. Verplichte tijd­registratie gaat alleen complexiteit toevoegen’, zegt Jan Borms, de eigenaar van de peperkoekproducent Vondelmolen. Of de werknemers even afkerig zijn van een registratiesysteem, is niet zo zeker. Volgens Protime zei 60 procent van de bedienden in een bevraging dat het hen zou helpen om werk en privé beter in balans te houden. ‘Vooral jongere werk­nemers hechten daar veel belang aan. Zij willen hun grenzen duidelijk afbakenen’, zegt Verbrugghe. ‘Tijdregistratie is niet ouderwets. Het is juist van deze tijd.’ Volgens Verbrugghe kan het systeem helpen om inzicht te krijgen in werkpatronen en kan het de werk­last en de foutenmarge van hr-afdelingen verminderen. ‘Je kan in zo’n systeem ook heel veel auto­matisch instellen, bijvoorbeeld de vaste dagen waarop iemand thuiswerkt, of een vastgelegd werkschema. Die werknemer moet dan alleen iets ingeven als hij of zij van dat schema afwijkt.’

 
 
 

Opmerkingen


bottom of page